Mannen die mannendingen doen zoals het bedoeld is: burgers vreten, bier drinken en rocken op rammende gitaren. Gisteravond was het zo ver, ik bezocht Slash (de ex-gitarist van Guns ‘n Roses) en zijn band. Voor de vrouwen is zanger Myles Kennedy waarschijnlijk veel interessanter. Daarom hier een link voor om bij weg te kwijnen.
Wat nóg interessanter is aan rockconcerten, is het publiek dat er op af komt. Ik heb inmiddels mijn porties live-gitaargeweld wel gehad, en de bezoekers blijven je verbazen. Als antropoloog kun je er prima een onderzoek mee vullen. Naast de gangbare types, waar ik mezelf ook maar onder schaar, lopen er bijvoorbeeld honderden rockmeisjes rond.
Rockmeisjes zijn leuk want vermakelijk. Ze willen maar één ding: uit hun dak gaan, bier drinken, dronken worden en als groupie misbruikt worden door de bandleden. Dat laatste lukt meestal niet en dus nemen ze genoegen met hun vriendjes die de hele avond braaf naast ze staan. De meisjes dragen zwarte tank tops met een afbeelding van AC/DC er op, het hemdje zelf heeft een veel te diep uitgesneden decolleté en daaronder gaat een zwart (nep)leren rokje, een kapotte panty en het onvermijdelijke paar All Stars. Tijdens dit soort concerten is het raadzaam af en toe eens naar het balkon te kijken wanneer je in de zaal staat, de kans is namelijk groot dat één van de dames haar tweeling even wat lucht geeft tijdens de show.
De huisvader. Gehuld in spijkerbroek en spijkerjack beleeft hij weer even zijn jeugd. Inmiddels is de huisvader ergens eind 30, zijn leven is zo-zo. Zijn wekelijkse uitje is op zaterdag, wanneer hij met vrouwlief en de kids door het centrum van Sliedrecht slentert. Ondanks die hel is de huisvader gelukkig. Als hij maar één of twee keer in het jaar een paar uurtjes los mag gaan op de muziek waar hij zijn ouders vroeger horendol mee maakte, dan voelt hij zich weer heel even de rebel van toen. Met zijn huisvadervrienden springt hij op de trein, in de meegesleepte Albert Heijn-tas zitten sixpacks Heineken die onderweg al driftig soldaat gemaakt worden. Om half 1 is de huisvader weer thuis, nog net op tijd om morgen niet té brak aan te komen op zijn werk. Maar damn, wat was dát het waard.
Nerds; ze zijn overal. Op elke werkplek, in elke klas en op iedere universiteit vind je de mensen die door anderen worden ontweken. Dat heeft een reden: de nerd stinkt vaak. Hygiëne heeft absoluut geen prioriteit, want als je eenmaal die mooie zwarte capuchontrui van je favoriete metalband hebt gekocht, waarom zou je die dan ooit nog uittrekken? Hard-rock is om onverklaarbare reden nogal een dingetjes bij nerds; het hevigere gitaarwerk kan zonder uitzondering rekenen op de onvoorwaardelijke steun uit nerdische hoek. En dus steek je ondanks het rookverbod een peuk op tijdens een willekeurig gitaarconcert, omdat het warm is in de zaal en iedereen dicht op elkaar gepakt is en juist jij naast die stinkende nerd staat. Rook verdrijft dan alle luchtjes. De nerd naast je kent alle teksten woord voor woord. Hij draagt uiteraard een T-shirt van de band die hij op dat moment aanschouwt, wat dat betreft denken die lui daar toch altijd goed over na. Hetzelfde geldt voor het uniforme kapsel: de nerds hebben onderling afgesproken hun haar zo lang mogelijk te laten groeien, evenals die vlassige rommel die onder hun kin bungelt, met als voorwaarde dat niemand het in z’n hoofd haalt de vette haarmassa eens in de zoveel tijd te wassen.
De uit-de-toon-valler. Een Surinamer met NY Yankees-pet en z’n Karl Kani-broek die op enige afstand een elletje staat te roken. Dat verwacht je dus totaal niet. Ik vind mezelf met m’n homofiele kapsel al een beetje uit de toon vallen, laat staan 50-Cent die te midden van de rockende massa rustig high staat te worden. Of die vrouw met een parelmoerenketting, de dominee, de oma van 76 en de kakker die bang is nat te worden van rondvliegend bier. Allemaal zijn ze welkom in de kleine ideale samenleving tijdens een concert, samen genietend van dezelfde muziek.
Totdat de band het podium verlaat, de lichten in de zaal aan gaan en iedereen elkaar verdrukt om maar zo snel mogelijk buiten te staan. Dan zijn we ondanks al die verschillen ineens toch allemaal beesten.





