Zo, legt u het daar maar neer: het rekenonderwijs is onder de maat, kindermishandeling wordt niet goed geregistreerd c.q. behandeld en passend onderwijs lukt ook niet. Zo maar wat krantenberichtjes van de afgelopen week, waarin de beschuldigende vinger zonder aanzien des persoons richting de basisscholen gaat. Dus dames en enkele heer, daar moeten jullie het weer mee doen. Anders gezegd: daar knap je van op!
Als je voor de klas staat, ben je een Bekende Nederlander in eigen omgeving. Er wordt over je geroddeld bij het leven. En ook in het algemeen. Je verdient je geld wel heel erg gemakkelijk, dus zeuren is onzin. Bijna altijd vrij. Dagen tot half vier, van de ene naar de andere vakantie. En een beetje voor die kleintjes staan, daar heb je zelf voor gekozen, dus daar kun je niet moe van worden. Vooral op verjaardagen, bij een lekkere pils, doen zulke verhalen de ronde.
Wat men niet ziet, is dat heden ten dage veel van de juffen en meesters bij de GGZ belanden, of aanverwante steun inroepen om het beroep vol te kunnen houden. Schrijver dezes heeft drie jaar geleden nog voor de klas gestaan en heeft destijds zich ook laten begeleiden. Hoe kon een, als zeer goed bekend staande leerkracht, de verhalenverteller en creatief tekenaar van de school, zo uitgerangeerd raken? Zodanig dat het erin geresulteerd heeft dat hij uit die rijdende trein van het onderwijs is gestapt. Gek toch? Het was toch zo’n beroep van veel vrij zijn en weinig lichamelijke inspanning, dat moet toch vol te houden zijn? Als dat zo was zou half Nederland graag onderwijzer(es) willen worden, waar de realiteit is dat er een enorm tekort aan leerkrachten dreigt.
Desastreus voor de beroepsuitoefening is dat je als leerkracht niet als volwaardig, als professional wordt beschouwd. Alle vernieuwingen, regelingen, verplichtingen komen op een leerkracht neergedaald. De leerkracht heeft als loonslaaf niets anders in te brengen dan lege briefjes. Van achter een bureau bedenkt de overheid van alles, faciliteert niet, maar eist slechts. Dat vermorzelt de idealen, waar elke beginnend leerkracht in de regel mee start. Daarbij heeft, in het verleden, de inspectie als controlerende instantie leerkrachten en scholen geregeld met de grond gelijk gemaakt en op internet te schande gezet. De kritiek daarop heeft ertoe geleid dat diezelfde inspectie nu meer oog heeft voor de sterke punten van een school, maar het kwaad is al geschied: er is een groot wantrouwen van scholen richting de werkwijze van de controleurs.
Ondertussen staat er bijna geen man meer voor de klas. Opvoedkundigen zien dat met lede ogen aan. De reden zou het salaris en de gebrekkige promotiemogelijkheden in het onderwijs zijn. Ik voeg daar aan toe dat het onderwijs een zorgberoep is geworden en als zodanig beter bij vrouwen past. Het is minder kennisoverdracht en meer opvoeden geworden. Daarbij: vanwege de geringe financiering beschikt vrijwel elke school over combinatieklassen. Gerekend naar zwak, gemiddeld en knap (oude termen die je tegenwoordig niet meer gebruiken mag) heb je dus zes niveaus voor je neus. Daarbij de ADHD’ers, PDD-Nos’sers, dyslectici, rolstoelers etc. Als man kun je één ding tegelijk goed, dus daar sta je dan.
Een man wil bovendien vooral toekomen aan zijn hoofdtaak: goed lesgeven. Er zijn echter zoveel nevenfuncties dat lesvoorbereiding verwordt tot iets dat er even snel tussendoor gedaan moet.
Dat laatste punt heeft sterk van doen met de kritiek die keer op keer op het onderwijs neerdaalt en dat zal blijven doen in de toekomst. Dat komt omdat de onderwijsuitgaven zich in Nederland weliswaar op het gemiddelde van de OESO bevinden, maar er geen gemiddeld onderwijsbeleid is.
Wij Calvinisten reiken naar het hoogste. We willen een kenniseconomie en stellen onze doelen hoog. Dat klinkt goed. Maar als je het hoogste wilt, zul je dat financieel mogelijk moeten maken. Qua geld komt er niks bij. Qua vakken en verantwoordelijkheden gaat er bij de scholen nooit iets af en komt er juist wel enkel bij.
De zakelijke man ziet dat heus wel gebeuren en denkt: geef mijn portie maar aan Fikkie. Ik kies wel wat anders als beroep. Bovendien heb ik geen zin om steeds de kop van Jut te zijn.
En de dames? Die werken wel door. Met respect gesproken: die zitten zo propvol arbeidsethos en zijn zo dol op die zoete lieve kindertjes, die laten zich van alles welgevallen, waar ze tegen in opstand zouden moeten komen.


Tja
Sommige leerkrachten doen het lachend, en sommige storten in elkaar. Met name de gedreven personen, die het beter willen doen.
En het toezicht is belangrijk. Kinderen krijgen maar één kans op goed onderwijs. Één slechte leerkracht en je merkt dat de prestaties achteruit gaan. Slechte leerkrachten vis je eruit door inspectie en toezicht. ( Bij mijn kinderen op school sliep de inspectie, en tot 2 VWO wassen de gevolgen van slecht rekenonderwijs te merken). Misschien moeten de eisen voor de pabo hoger, en wellicht het salaris.
Aan de andere kant vergeet je de ouders, die al het beste wensen vor hun prinsjes en prinsesjes. En de leraar erop aanspreken als het misgaat. En dan zitten er dertig bij je in de klas, ik help wel eens op school, en binnen vijf minuten kan ik wel gillen. Maar de juf niet, die blijft cool.
Ik heb de oplossing niet, maar met deze klaagzang kom je er ook niet. Zo’n klaagzang kan ik ook afsteken over het bedrijfsleven, of waar dan ook. Hoe het verder moet. Weet ik ook niet. Maar het gaat wel over onze kinderen. En met dat leerproces mogen we wel eens zorgvuldiger omgaan.
Was het maar een klaagzang, dan kon je op basis van feiten zeggen dat het allemaal niet zo erg gesteld is. Quote van een mij behandelende GGZ-psycholoog: “ach meneer, het onderwijs? We leven ervan!”