
Bron: Pixabay.com
Hoe mannen denken. Ja, hoe doen die dat? Zelf zo’n exemplaar zijnde; ik zou het niet weten. Wat ik wel begrijp, is dat ik niet altijd te doorgronden ben. Ik lijk wel een vrouw!
Nu heb ik veel met vrouwen te maken gehad, moet u weten. Wie in het basisonderwijs voor de klas komt te staan, kan daar niet omheen. Om de dames, bedoel ik. Soms ook letterlijk, maar daarover zal ik mij niet uitlaten. Zij zouden kunnen zeggen dat dit bewijst hoe mannen denken.
Ik hoorde namelijk eens dat wij mannen denken met ons geslacht. U weet wel, dat deel van ons dat geen hersens nodig lijkt te hebben om de kop op te steken. Een verwijt dat mij enigszins steekt. Maar gesteld dat dit zo is, hoe manifesteert zich zoiets?
Kijk, daar loopt een wuft vrouwspersoon en meteen begint hij haar aan te wijzen? Als een wichelroede? Was dat zo dan zou iemand van de mannelijke kunne nimmer een boodschapje kunnen doen. Zigzaggend door de winkelstraat kwam het nooit tot enig koopgedrag.
Ook vernam ik dat het vrouwvolk mijn ras een simplistische denktrant verwijt. Anders geformuleerd: opgeruimd, duidelijk en zeker in mening en beslissing. Oude koeien hebben de sloot sedert lang geleden verlaten en zijn verteerd door de tijd. Deze oase van rust werkt, raar genoeg bij gemalinnen, niet zelden als een rode lap.
Hoe mannen zo durven te denken, wordt dan de vraag. Er is immers zoveel meer dat er bij komt kijken in dit aardse bestaan. Om je dik over te maken, hoewel je als man dat dan weer niet zeggen mag. Dan staat plots het huilen nader dan het grinniken. In de hitte van de strijd bevindt de man zich dientengevolge op glad ijs.
Zijn mannen dan zo recht-door-zee dat het denken geen gevoelige kanten kent? Ja, dat is zo. Bij een deel der heren. Net als bij een deel der dames. Maar verder denken mannen net als vrouwen. Dat wil zeggen: soms. En dus ook geregeld niet. Dat is hoe mannen denken.




