Terwijl ik op de bank in een zak paprika chips graai, zit aan de keukentafel een roedel vrouwen over hun lichaam te ginnegappen.
“Oooh, ik zou een moord doen om jouw kont te hebben. Kijk eens naar mijn kont? Zo plat als een pannenkoek. Jij hebt tenminste bíllen,” hoor ik een van de dames oreren.
“Je moet jezelf niet zo naar beneden praten hoor, poppenkontje. Je bent mooi zoals je bent,” is het antwoord.
Een heel epistel volgt. Over schoonheid van het vrouwenlichaam en de reactie van mannen daarop. Specifiek wordt er geroddeld over de aandacht die de dames van hun eigen vent krijgen. Nóg specifieker gaat het over de bedprestaties, of het gebrek eraan.
“Laat ik het zo zeggen, ik ben blij dat mijn speeltjes tegenwoordig met een USB opgeladen kunnen worden, want dat scheelt een sixpack aan batterijen per maand,” giechelt een vriendin.
“Weet je, ik ben stiekem best wel jaloers op jouw lijf. Je borsten zijn mooi rond en vol, je hebt een kont waar je een glas wijn op kan zetten en een buik waar een heel elftal op kan staan zonder dat hij inzakt. Hoe dóe je dat toch? Je hebt toch ook kinderen uitgepoept?”
“Ja weet ik veel. Ik sport en ik eet.”
“Nou, dat ga ik echt niet doen hoor.”
“Sporten?”
“Nee, éten. Ik ga echt niet meer zoveel eten. Moet je mijn rolletjes eens zien.” Een trui gaat prompt omhoog. Ik concentreer mij maar op het niets in het raam.
Ik wandel naar de keuken. Mijn zak chips is leeg en ik heb nog honger. Een zak drop biedt soelaas.
De dames in de keuken zwijgen, zolang ik in beeld ben. Vier paar ogen staren mij de keuken uit.
“Dames,” mompel ik, beleefd knikkend, op mijn weg terug richting de bank.
Niet dat ik dat meen; deze vrouwen weten immers precies hoe mijn vrouw over mijn bedprestaties denkt. Ik schaam mij kapot.
“Maar lieverd, je moet wel eten hoor. Jij verdient het om te genieten. Prachtvrouw dat je d’r bent! Wil iemand nog thee?”
“Sorry meiden, maar ik pak nog een bonbon. Het is weer die tijd van de maand hè?”
“Als ik in de spiegel kijk, zie ik echt wel al mijn vetjes hoor. Niet om aan te zien. Snap best dat m’n vent liever met zijn vingers in de specie zit dan in mij.”
Tergend traag slof ik wat later weer de keuken in. Ook nu verstomt de conversatie. Uit de koelkast pak ik een fles water en uit de kast grijp ik een nieuwe zak chips.
Nogmaals grimas ik de dames een ‘goedendag’.
Dan wandel ik naar de slaapkamer. Ik surf naar HoeVrouwenDenken. Ook daar veel vrouwenpraat, maar die hoor je tenminste niet.







