‘Wat ben jij een olijk meiske!’, wierp ik haar in mijn enthousiasme toe.
‘Oh, dank u, ja klopt, ik ben wel ʼn vrolijk type, ja’, antwoordde ze mij.
‘Nee,’ verbeterde ik haar: ‘een olijk meisje.’
Zij weer: ‘Olijk… uhh… ja hoor, zal wel.’
Spraakverwarring anno 2024 tussen de appgeneratie en de schrijver met zijn voorliefde voor olijke woorden uit de oude doos…






