Zo’n zes weken geleden bewees ik mijn moeder de laatste eer tijdens een plechtigheid in precies dezelfde kerk waar de pastoor mij in mijn jeugd zo lang seksueel misbruikt heeft. Ik slaap er nog steeds slecht van.
Mijn moeder heeft de dood van mijn broer – begin 2024 – nooit kunnen verwerken en het lukte haar niet meer om goed voor zichzelf te zorgen. Het heeft haar dood bespoedigd en op 18 februari maakte ze haar laatste reis naar haar verloren zoon. Ze blies vroeg in de ochtend in het bijzijn van haar overgebleven mannen en mijn vrouw haar laatste adem uit en ik voelde haar ziel langs me heen glijden. Ik wist toen ook direct dat haar uitvaart voor mij een hel zou worden.
Ma was een zeer gelovige vrouw en natuurlijk werd haar uitvaart een kerkdienst. Logisch ook dat deze in de kerk waaraan ze verbonden was, gehouden werd. Maar in de kelder van diezelfde kerk heb ik mijn meest heftige trauma’s opgelopen. Als menneke van ongeveer zes jaar mocht ik met de pastoor in de kerktuin werken, in ruil voor wat goedkope Seiko-horloges die waarschijnlijk bij de kermis gewonnen waren. Niemand wist echter dat die horloges meer hebben gekost dan wat onschuldig onkruid wieden. Meneer pastoor eiste daarvoor ook met harde hand mijn onschuld op.
Jaren van depressie volgden. Een zelfbeeld waar professionele mensen zich zeer veel zorgen om maakten. Toen ik het uiteindelijk aandurfde om een relatie aan te gaan, moest ik mijn vrouw achter mijn zorgvuldig opgebouwde muren laten kijken. Achteraf ben ik daar heel blij mee, want ik ben daardoor geworden wie ik nu ben. Maar destijds moest ik door een hel.
De pastoor is uiteindelijk na zijn dood via de commissie Deetman in staat van beschuldiging gesteld. Ik heb daar heel veel zelfwaarde uit weten te halen; ik heb het er niet bij laten zitten. Maar het trauma zit als een onzichtbaar litteken in mijn ziel gekerfd.
En op 26 februari, lopend achter de lijkwagen, kraste mijn tot slaap gebrachte demon zich naar het oppervlak. Ik zag de wolken, ik hoorde de klokken luiden, voelde de verwrongen gezichten van het winkelend publiek en bij elke stap richting de kerk voelde ik de paniek toenemen.
Voor de kerk, toen de kist nog niet eens uit de wagen gedragen was, klampte ik mij aan mijn vrouw vast. Ik dacht dat ik flauw ging vallen en begon te hyperventileren. Gelukkig wist ik nog uit te brengen dat ik het niet ging redden. Mijn vrouw handelde zoals we ruim van tevoren besproken hadden. Ze klemde mij vast en begeleidde me de kerkbank in. Daar heb ik verstard het hout van de bank stuk geknepen. Met wijd open ogen hoorde ik de klokken, ik rook de wierook en ik staarde bitter naar het paarse kazuifel. Doods keek ik naar de kist van mijn moeder. Pas toen we achter de kist naar buiten mochten lopen, kon ik mij ontspannen.
Vanaf het moment dat ik de kerk uit was, ben ik begonnen met rouwen; ik had het ergste gehad.
Natuurlijk kon ik kiezen om niet de kerk in te gaan. Het zou mij heel veel stress en dissociatie gescheeld hebben. Maar ze hebben dan misschien mijn onschuld afgepakt; mijn afscheid van mijn moeder pakken ze me niet meer af.






Gecondoleerd Gabriel. Dapper dat je bent gegaan. Veel sterkte en kracht gewenst.
Liefs
Heel veel sterkte!