
bron: bewerkte foto (AI) o.b.v. https://morguefile.com/p/834935
Ik had het mezelf ooit beloofd: bij de vijfhonderd stop ik. Geen gemaar, geen getwijfel, geen gemekker. Gewoon: klaar. Een nette, afgeronde reeks. Iets waarvan statistici en lijstjesfetisjisten spontaan gaan kwijlen. Maar nu ik hier zit, bij nummer 499, weet ik het even niet meer.
Of eigenlijk: ik weet het wél. Ik wil niet meer.
Maar ik wil ook niet stoppen.
En dus blijf ik hangen.
Precies hier.
Tussen zin en zinloosheid.
Tussen schrijversdrift en het Grote Niets.
Tussen blog 498 en het beloofde land der afgeronde getallen.
Want wat valt er nog te vertellen?
De kinderen zijn uitgevlogen. Nick laat zo nu en dan een cryptische meme achter in de gezinsapp, Simone stuurt een kat-emoji als ze moet huilen. Kees, mijn kat, is de enige huisgenoot die nog enigszins met me communiceert, zij het passief agressief via de kattenbak.
Er is geen vrouw meer om over te prevelen of te klagen, geen relatie meer om te vieren of te fileren, geen seks meer om eufemistisch over te zwijgen. De enige vorm van intimiteit die ik nog ken, is het ergens inloggen met een vingerafdruk.
Ik had altijd gedacht dat het leven op middelbare leeftijd een soort rustiger vaarwater zou zijn. Je weet wel: glas wijn, zonsondergang, af en toe een verrassend goed gesprek met een buurvrouw die ook net gescheiden is. In werkelijkheid is het vooral wachten. Op de loodgieter. Op een appje. Op inspiratie. Op een betere reden om uit bed te komen dan ‘Kees heeft honger’.
499 dus. Dat is waar ik ben. En wil blijven. Niet vooruit, niet terug. Ik wil de deur op een kier laten. Een schrijversvoet ertussen zetten. Voor als er toch onverhoopt nog weer een zinnetje komt. Een observatie. Een glimpje van dat vroegere vuur.
Maar nu? Nu is het leeg. Klaar. Op.
Misschien komt het nog. Misschien ook niet.
En dat is oké.
Of nou ja, half oké.
Dus nee, dit is geen afscheid. Ik ben geen man van grote woorden of dramatische slotakkoorden. Ik ben meer van het ongemakkelijke zwaaien bij het tuinhekje. Van die laatste halve kop lauwe koffie. Van nog één keer omkijken of ik echt niks vergeten ben.
Ik heb momenteel geen blog 500 in me.
Maar ik wil niet dat je denkt dat ik weg ben.
Misschien ben ik gewoon even naar de wc.
Tot ooit. Misschien. Misschien niet.
Denis.




Stoppen kan niet. Schrijven geeft een doel in het leven. Voor jezelf. Af en toe een lezer is meegenomen, maar daar gaat het niet om. Het gaat om het proces. Het gesprek met jezelf. De tekst die daaruit voorkomt. Af en toe tegen jezelf zeggen ‘dat heb ik toch maar weer mooi gedaan’. Of niet. Dat je denkt ‘jezus, wat een kutverhaal’. Maar dan heb je weer een uitdaging om het volgende keer beter te doen. En wat is het alternatief? Op TV naar praatprogramma’s kijken? Het nieuws volgen? Daar word je vandaag de dag alleen maar depressief van. Gewoon doorschrijven. De zinloosheid van het leven biedt meer dan genoeg schrijversinspiratie om het tot het einde der tijden vol te houden. Het streven naar geld, de hele dag op je telefoon kijken en al je ‘fantastische’ momenten met anderen delen, zodat het lijkt of je leven geweldig is. Waar anderen dan weer depressief van woorden, omdat zij die momenten niet hebben… Nee, blijven schrijven. Over alles. En of het dan gelezen wordt, volstrekt onbelangrijk. Jij bent lekker bezig geweest. Voor jezelf. Dat is ook lekker voor je ego. Dat kan dan rustig op het gangkastje blijven zitten. Op naar de volgende 500!
https://www.hoemannendenken.nl/2025/02/25/schrijven/
Dank voor je overweldigende reactie vol waarheid en moed, Janad!
Zinloosheid zat hier, maar dat gesprek met mijzelf, dat is momenteel finaal verstomd. Iets van ‘Stil in mij’ (welke Lullo zong dat ook alweer). Ik hoop dan ook op spoedig geschreeuw in mij, zodat het schrijven ook weer een streven wordt. Want met schrijfpensioen wil ik toch ook nog niet. Hoe dan ook, dank!
Stoppen is altijd een klein beetje sterven. Het idee dat je even naar de wc bent, bevalt me meer! 🙂
Tot weerziens Denis,
Je stukjes heb ik altijd met veel plezier gelezen
Liefs
Dag Denis,
Ik las je graag en zal je zeker missen.
Tot ooit, hoop ik dan maar.
Hé Dennis, 500 max, ik had het ooit ergens meegekregen maar was het vergeten.
Man van je woord, maar wel jammer. Ik keek er zaterdagochtend toch een beetje naar uit, of in ieder geval viel het me op als je er niet was.
Maar gelukkig druipt de tijdelijkheid van je laatste stukje..
Gebruik de tijd om een bundel te maken er zitten zoveel juweeltjes tussen!
Hartelijks, Niek