Hoe Mannen Denken...

Van ons, voor jullie...

  • Home
  • Archief
  • Over ons
  • Adverteren
  • Contact
« Op de markt
Beste wensen, oké. Maar wélke dan? »

Kerst is raar dit jaar

24-12-2025 door Denis Enkeling

Kerst. Ik vind het steeds weer zo’n periode waarin je verplicht “gezellig” moet doen. Van de overheid, van je familie, van de supermarkt… En al dan niet met zo’n luxe noodpakket. Overal hangen knipperende lichtjes, alsof we een landelijk onderzoek doen naar epilepsie, terwijl het thuis juist voelt alsof iemand de geluidsknop op “alles dempen” heeft gezet.

En ik bén thuis. In mijn uppie. Verder niet zielig, hoor. Gewoon… praktisch. Een soort proefabonnement op stilte.
Vroeger was kerst anders. Toen had je nog echte kerstgeuren: dennennaalden, mandarijnen, aangebrande rollade en stresszweet van mensen die per se wilden laten zien dat ze het “goed voor elkaar” hadden. Mijn moeder had zo’n manier van doen. Alsof je bij ons thuis alleen maar een menu van vrede en harmonie at. Met zilveren bestek.

Intussen werd er achter de schermen gevochten om dat laatste gevulde ei en de vraag wie er nou wéér ‘voor de lol’ die rotpiek scheef had gezet. Nu ben ik zelf degene die de piek scheef zet. Niet eens expres. Het gebeurt gewoon, omdat ik de laatste tijd zelf ook iets permanent scheefs heb.

Nick komt op de 25e thuis. Hij woont nog steeds in dat studentenhuis, wat betekent: hij leeft in een biologisch experiment waarin je kijkt hoe lang een mens kan functioneren op energiedrank, droge pasta en een matras dat een onverzadigbare spons voor lichaamsvocht is.

Hij komt “voor kerst”, zegt hij.
Ik ben niet gek.
Hij komt voor de was.

Ik zie het al voor me: Nick (inmiddels 22) stapt eerste kerstdag in de namiddag binnen met een vuilniszak vol kleding die ruikt naar natte hond en filosofische teleurstelling. Hij zegt “hoi” alsof hij mij niet heeft gemist, maar de wasmachine wel. Vervolgens eet hij drie borden met eten (maakt niet uit wat), alsof hij maanden in de Sahara heeft rondgelopen, mompelt iets over duurzaamheid en de dood, en verdwijnt daarna naar boven om te slapen. In mijn bed, waarschijnlijk, want “jouw bed ligt gewoon het fijnst.” (Lees: mijn bed is het schoonst).

Simone gaat dit jaar naar haar moeder. Naar haar moeder én haar inmiddels niet meer zo nieuwe vriend Manuel. Die is er ook nog steeds. Helaas. Simone (al 18) heeft die blik van iemand die het leven al aan het doorgronden is, maar nog wel graag wil dat iemand anders het afwast.

Zij gaat ook “voor kerst”.
Ook zij is niet gek.
Zij gaat voor het eten.

Bij haar moeder smaakt alles beter. Dat is een natuurwet. Zelfs een droog stokbrood met kruidenboter smaakt daar alsof het door een Franse oma is gezegend. Bij mij smaakt het al snel alsof ik het met tegenzin uit een verpakking heb getrokken, terwijl ik mijn administratie in Excel nog open had staan. En eerlijk: dat is vaak ook precies wat er gebeurt.

En dus zit ik nu alleen. Nog een paar uurtjes en dan is het kerstavond. Ik, samen met mijn huis dat zich verdacht netjes gedraagt; ik hoor niets. Geen krakende balken, geen klapperende deur. En vooral: geen geruzie over welke film we kijken. Geen “pap, waar is de ketchup?” Geen “ik heb honger…” wat eigenlijk betekent: “Joehoe, ik besta en ik eis bewijs!”
Enkel en alleen het tikken van de verwarming. Zelfs dat klinkt passief-agressief.

En ik mijmer voort. Het afgelopen jaar was ronduit raar. Dat woord is eigenlijk te klein, maar ik heb niet altijd zin om het heel groot te maken. Raar is lekker praktisch. Raar is een kapstokwoord. Je hangt er alles aan op: gemis, verwarring, woede, opluchting, het idee dat je iets kwijt bent en tegelijk ook iets hebt teruggekregen, al weet je niet wat.

Jonna ging naar Zanzibar. Een plek die klinkt als een cocktail. Of een fancy strandtent waar je twaalf euro betaalt voor water “met infusie en intentie”. En ze is daar nog steeds. Soms denk ik dat Zanzibar gewoon een goed excuus is om ergens te zijn waar niemand je vraagt of je “even kunt helpen met de vaat”.

Ik ben weer alleen sinds zij weg is. En dat is een zin die je eigenlijk twee kanten op kunt lezen. ‘Alleen’ als in: niemand die naast je ligt. Maar ook alleen als in: niemand die je verhaal bevestigt met een blik van “ja, ik snap je”. Dat is het gemene van alleen zijn. Het is niet de leegte. Het is het ontbreken van publiek.

Met kerst komt dat extra binnen, omdat kerst een soort jaarlijkse groepsfoto is. Iedereen doet alsof ie bij elkaar hoort. Zelfs mensen die elkaar het hele jaar mijden, zitten ineens naast elkaar met een grimlach die schreeuwt: we doen dit voor oma! En ik zit hier dus met mijn eigen gezicht als groepsfoto.

Ik probeer terug te denken aan vroeger, maar dat is ook zoiets verraderlijks. Vroeger was namelijk niet per se beter. Vroeger was vooral rommeliger, drukker en onhandiger. Maar je had wel het gevoel dat je ergens middenin zat. Dat je onderdeel was van het gedoe. En gedoe is, hoe irritant ook, soms precies wat je mist, zodra het wegvalt.

Ik heb mezelf dit jaar een paar keer betrapt op het idee dat ik “volgend jaar” alles anders ga doen. Meer sporten. Minder scherm. Meer mensen. Minder cynisme.
Dat laatste is natuurlijk onhaalbaar. Cynisme is geen gewoonte, het is een verdedigingsmechanisme. Het is mijn winterjas.

En dan is daar 2026.
Ik heb dus werkelijk geen idee wat 2026 zal brengen. En dat is ook weer raar. Vroeger deed ik alsof ik dat wel wist. Alsof ik controle had. Alsof het leven een agenda was waarin je gewoon dingen plant en dan gebeuren ze ook netjes. Nu voelt het meer als een inbox vol berichten zonder onderwerpregel; geen idee wat erin staat of wat belangrijk is. Met het vingertje prikken en gewoon maar beginnen…

En misschien komt Jonna wel terug. Misschien ook niet. Misschien blijf ik alleen. Misschien ontmoet ik iemand die wél graag kerst viert en dan per se samen naar de Decembermarkt in Dordrecht wil, alwaar we dan lauwe glühwein slurpen en doen alsof dat superromantisch is. Misschien ga ik zelf nog eens naar Zanzibar, al is het maar voor het gevoel dat je ergens bij hoort.

En dan, op kerstochtend, doe ik iets heel onverwachts.
Ik zet een extra ontbijtbord neer.
Niet omdat er iemand komt. Nick komt pas later en Simone is al bij haar moeder. Maar ik zet het neer, alsof ik mezelf even wil foppen. Alsof er nog zoiets als een “wij” bestaat. En dan, heel even, voelt het niet als een lege tafel, maar als een tafel die wacht.

Dat is het rare aan kerst: het is een feest van verwachtingen. Niet van wat er is, maar van wat er ooit was en wat er misschien weer kan zijn.
En ja, ondertussen draai ik alvast een wasje.
Gewoon om te wennen aan het wachten.

Illustratie: ChatGPT

FacebookXLinkedIn
« Op de markt
Beste wensen, oké. Maar wélke dan? »

Het beste van Hoe Mannen Denken

Elke week in je mailbox!

Lees ook

  • kerst koek

    Jolijt met collegialiteit

    De directeur zag alles aan en kwam snel mijn kant op gewandeld. Verlekkerd staarde hij naar mijn doos vol potjes met lekkernijen.

  • Het Verlaten Man (434) – Sneue pappenheimer

    Ik wacht nu al dagen op een reactie op mijn - best leuke - appje. Op een teken van leven. Of welk ander veeg teken dan ook. Maar ja, geen teken is ook een teken. Zou ik haar nummer wel juist genoteerd hebben?

  • De Verlaten Man (357) – Knutselen voor Vaderdag

    Mijn kinderen zijn inmiddels zo oud dat de knutsels langzaamaan ingeruild gaan worden voor een standaard fles douchegel of een goedkope aftershave. Want je moet toch íéts, hè, als puber met een pa. Niks is ook zo lullig.

  • De Verlaten Man (349) – Postpaasportret (slikken en klikken)

    Vijf biologisch-dynamisch-alcoholische gangen later zijn we volledig volgepropt, kunnen geen pap meer zeggen, laat staan Pasen. Ik barst uit mijn voegen. En dan moet het paasportret nog volgen...

  • De Verlaten Man (332) – De X zit in de maand!

    X is de nieuwe kerst. X-mas. Of was het X-mess? Hoe dan ook: kerst is uit! X is in. Want laten we wel wezen, het leven draait vandaag de dag enkel nog om X. Wat X dan is? Dat is flexibel. Jouw X is immers de mijne niet.

  • kerstverlichting

    Kerstverlichting

    Een puik verhaal over de overeenkomst tussen kerstverlichting en een dildo van 45 centimeter. Kom, klik! Geniet! Lees verder!

Denis Enkeling

Denis Enkeling, was ooit mid-veertiger, maar nu een half decennium ouder. Heeft het schrijven van zijn magnum opus 'Vrouwloos overleven voor Dummies’ na vele aanlopen opgegeven, want weet inmiddels: single is super. Kletst enkel nog over futiliteiten.

Alle artikelen van Denis Enkeling

Reacties

  • Niek op Riders on the Storm
  • Johan van Tilburg op Bellen in de openbare ruimte is kut
  • janad op Kleine observaties in oorlogstijd (13): De tachtigjarige
  • Janad op De dag dat ik ophield dingen te begrijpen
  • Niek op Uit de kast

Recent:

  • Pissen, schijten en boeren
  • Wanneer is een gevoel echt?
  • Gran Torino
  • Gehalveerd zijn is geen pretje
  • Verbonden
  • Gestrand met de trein
  • En zo eindigt de zomer
  • Interne criticus
  • Riders on the Storm
  • Kwáák

Bezoek ook eens:

  • Hoe Vrouwen Denken
  • Hoe Ouderen Denken
  • Hoe Kinderen Denken
  • Hoe Gehandicapten Denken
  • Hoe Dieren Denken

Rubrieken

  • Home
  • Mailinglijst
  • Adverteren
  • Over ons
  • Contact