Zaterdagochtend werd ik om 6.45 uur gebeld door Zoon. Hij is gediagnostiseerd met McDD en als hij belt is er stront aan de knikker. Ik schrok me helemaal kapot. Voordat ik opnam schoten er tientallen scenario’s door mijn hoofd: hij was opgepakt door de politie, hij had zichzelf buitengesloten, hij stond bij het spoor en belde om afscheid te nemen.
Gelukkig was het niet heel dramatisch: hij logeerde bij zijn beste vriend en ze hadden bedacht om naar het Drielandenpunt te fietsen. Ook al heeft zijn beste vriend weinig gefietst in zijn leven.
Hun motivatie? “Gewoon. Da’s vet.“
En natuurlijk vroeg ik of ze echt dachten dat ze binnen 12 uur 228 kilometer konden fietsen, want ze moesten natuurlijk ook nog terug naar Helmond. En of ze wel genoeg eten en drinken konden mee sjouwen. En of ze wel voldoende batterij hadden. En. En. En.
“Jaahaaaa,” was het geruststellende antwoord.
Lang verhaal kort: na 10 uur fietsen waren ze eindelijk in Kerkrade aangekomen. Compleet gesloopt moesten ze erkennen dat terug naar huis fietsen, óf nog naar het Drielandenpunt rijden, niet tot de mogelijkheden behoorden.
Of we niet een leuk hotel konden regelen, en wat geld voor een goed restaurant. Iets waar ze veel vlees serveerden.
Lang verhaal nóg korter: we regelden tickets voor de fietsen en de Draken, en tegen middernacht reed de trein het station van Helmond in en konden de twee doerakken hun laatste kilometers richting bed fietsen.
De dag erop werden ze om half drie in de middag wakker. Tegen etenstijd appte Zoon met het verzoek om geld te geven zodat ze friet konden kopen. Ik liet weten dat ze van harte welkom waren om mee te eten, en anders konden ze een boterham krijgen. Maar geen geld.
Uiteraard had ik speciaal voor de gevleugelde vrienden een heerlijke maaltijd gekookt: krokant gepaneerde kip uit de frituur, krieltjes met rozemarijn uit de oven, spinazie en zelfgemaakte appelmoes met kaneel.
De heren schransten binnen 5 minuten ook mijn portie naar binnen en vertelden dat ze voor hun avontuur allebei twee boterhammen met kaas en een flesje water hadden meegenomen. Want ze wilden geen rugzak meenemen; dat was alleen maar te veel extra gewicht.
Ik snapte dat ze honger hadden en haalde een paar bakken ijs tevoorschijn.
Ik vind dat dus fantastisch, dat ze het gewoon gedaan hebben. Gewoon op basis van bravoure en enthousiasme vertrekken en niet teveel nadenken.
Ze snappen inmiddels dat ze bij een volgende wereldreis eerst een plan moeten bedenken. En dat is winst.
Want over 50 jaar vertellen ze met een trotse glimlach tegen iedereen die het al duizend keer gehoord heeft dat ze als jonge mennekes eens een keer bíjna helemaal naar het Drielandenpunt gefietst zijn.
Meer over McDD lezen? Klik hier.






Knap, ik doe het hem niet na. Maar bovenal een positief verhaal. Top! ‘All the best’ voor Gabriël en Zoon!