
Bron: pexels.com
De raadsels waar je medereizigers zich in hullen. Neem dat meisje van een jaar of 16 met dat sluike vettige haar in een lubberende legging en vale blauw witte gymschoenen. Heeft ze zich knus in dat hoekje genesteld of maakt ze zich zo klein mogelijk? Ze heeft een been routineus en beschermend onder zich gevouwen en met het andere leunt ze tegen de rugleuning van de bank voor haar.
Met haar oordopjes in heeft ze zich van de buitenwereld afgesloten en kijkt niet op of om. Razendsnel slaat ze de bladzijden van haar boek om. Is ze een snelleestalentje of gauw verveeld. Je weet het niet…
Dit is niet haar eerste treinreis. Ze maakt voor haar leeftijd een te onafhankelijke indruk, volwassener dan ze zou moeten zijn. Het leven kent nu al weinig wonderen meer.
De keurige mevrouw met de artistieke shawl op de bank daarachter is met haar laptop op schoot in slaap gevallen. De designbril is een stukje van haar neus gegleden, haar mond staat open. De vergadering was slopend, het nawerk straks reusachtig en morgen weer.
De chinees met de reisgids heeft al een paar keer vriendelijk geknikt en geglimlacht. Wat doet een eenzame chinees in Nederland, die zijn toch altijd in groepen.
En juist als ik aan ze gewend ben geraakt en ze een beetje familie zijn geworden, remt de trein af, staan ze allemaal haastig op en vertrekken door de klapdeur richting uitgang.
Tot nooit meer ziens. Ik blijf heel even in een onverwachte vederlichte triestheid alleen in de coupé achter. Tot de oude man in de verfomfaaide regenjas en de moeder met twee opgeschoren zoontjes hun plaatsen innemen. Gezellig.


